De geboorte van de aansteker

Er was eens een tijd waar een vuurtje werd gemaakt met twee houten stokjes, wat mos of vuurstenen. Aanstekers kopen was toen nog niet mogelijk. Die stenen tijd ligt al lang achter ons gelukkig en tegenwoordig maken we handig gebruik van een aansteker. Met behulp van zippo of aanstekers worden vuurtjes in enkele seconden gestookt en kan een pan op het fornuis, sigaretten worden aangestoken of een vuurkolf branden. De tijden van vroeger liggen ver achter ons dankzij deze aansteker, maar hoe is die ook alweer uitgevonden?

De eerste aanstekers werden gebruikt rond de zeventiende eeuw. Dit was geen gewone aansteker, zoals we die nu kennen, maar een grote primitieve versie. Gas bestond er in die tijd niet en de brandstof was een olieachtige substantie. Net als bij een olie lamp had de aansteker een redelijk grootte reservoir nodig om deze brandstof op te slaan, omdat deze snel verbrand. Ouderwets touwen werden middenin de aansteker reservoir geplaatst, waardoor deze doordrenkt werd met vloeistof. Vervolgens werd handmatig met twee vuursteentjes geslagen langs dit touw, in de hoop dat er een vonkje oversloeg en de aansteker ging branden. Dit mechanisme vinden wij nog steeds terug bij een zippo aansteker, al is dat tegenwoordig geautomatiseerd.

Het heeft zeker twee eeuwen geduurd voordat er een aansteker werd ontworpen die lijkt op de apparaatjes die we tegenwoordig gebruiken. Het was de Oostenrijker Paul Bocholtz die voor het eerst patent aanvroeg op het elektrische mechanisme zoals we dat vandaag de dag kennen bij aanstekers. Hij kwam tot deze ontdekking in een droom vertelde hij later. Niet alleen blek deze droom een zeer goede investering te zijn die Paul erg rijk maakte, ook danken we daar tegenwoordig nog steeds de huidige aansteker soorten aan. Al zijn deze natuurlijk wel uitgerust met de huidige technische snufjes. Denken jullie daar nog eens over na bij een aansteker kopen?

Comments are closed.